That’s all folks (29-09-2006)

We zijn thuis! We hebben onze auto donderdagochtend (vlak voordat ons vliegtuig vertrok) ingeleverd en volgens de administratie van verhuurmaatschappij Alamo hebben we 4028 mile (bijna 6500 kilometer) gereden. Haast onwerkelijk als je het getal zo ziet, maar de kilometers vliegen voorbij in Amerika. We hebben ontzettend veel gezien en meegemaakt en het was echt te gek. (of awesome zoals iedereen riep in Amerika)

We hopen dat jullie het leuk vonden om onze verhalen te lezen. Als je benieuwd bent naar onze foto’s, filmpjes en onze uitgebreide verhalen, dan ben je natuurlijk altijd welkom om langs te komen. Maar wij gaan eerst nog even bijkomen dit weekend, om daarna weer aan het werk te gaan… De vakantie is echt voorbij; we kijken al uit naar de volgende!

(lees ook nog de verslagen van de laatste paar dagen. We hadden steeds geen internetverbinding)

Laatste dag LA (27-09-2006)

Superman op Hollywood BoulevardOnze laatste volle dag in Los Angeles. Toch maar weer een keer naar Hollywood. Maar het is daar niet interessant genoeg om een hele dag door te brengen. Dus wat dan verder?
We zijn gezwicht voor nog een pretpark, om net zo af te sluiten als dat we begonnen. Het enige grote park dat we nog niet gehad hadden en dat open was (nu de scholen in Amerika weer begonnen zijn) was Knott’s Berry Farm. We hadden gelezen en gehoord dat dat een familiepark was, dus onze verwachtingen waren niet heel hoog. We hadden ons namelijk al een beetje verheugd op Six Flags met z’n 17 (!) achtbanen, maar dat park was doordeweeks niet open. Toen we in de buurt kwamen van Knott’s Berry Farm zagen we al wel wat hoge achtbanen, dus dat ‘familie’ viel wel mee 😉
Dit pretpark is het eerste pretpark van Amerika en kan je het best vergelijken met Walibi/Six Flags (of hoe het tegenwoordig heet) bij ons in Nederland. De achtbanen zijn alleen net wat heftiger. Knott's Berry Farm - The Xcelerator
Onze top 3 was op nummer 1: The Xcelerator, een achtbaan die vanuit stilstand in 2,3 seconden naar de 80 mile per uur gaat. Dat is dus nog veel sneller dan Superman the Ride. En je gaat meteen kaarsrecht omhoog. Als je boven bent, heb je even een seconde de tijd om adem te halen en dan ga je weer kaarsrecht naar beneden. Doodeng, maar erg leuk. Op nummer 2: Perilous Plunge. Een splash, maar dan weer heftiger en hoger. En de afdaling is enorm stijl (zeg maar weer kaarsrecht naar beneden), de plons is daardoor enorm. En daardoor is het met recht de natste attractie die we ooit hebben meegemaakt (tot aan onze onderbroek kletsnat). Maar gelukkig was het enorm warm, dus waren we na een paar uur wel weer opgedroogd. Op nummer 3: de GhostRider. Een houten achtbaan waarmee je van enorme hoogte weer fijn naar beneden gaat en weer heel hoog gaat en dat met een enorme snelheid. We zijn ook nog in andere achtbanen en attracties geweest, maar deze drie vonden we het leukst. En zo vloog onze laatste dag in Amerika voorbij.

Gereden aantal miles vandaag: 73
Overnachten in: Econo Lodge, Los Angeles.
Gegeten: Een large pizza gehaald bij Pizza Hut. (en nog te groot voor ons twee samen).

Naar LA (26-09-2006)

Highway oneVanuit Morro Bay zijn we vandaag verder de Highway 1 afgereden naar Los Angeles. Ook vandaag zat het weer (grijze lucht) niet mee. Pas in LA begon het zonnetje weer goed door de wolken te komen. Zonde hoor, maar ja, niets aan te doen. Vandaag hebben we onze laatste dag met veel miles gereden en daar zijn we niet echt rouwig om. Het blijven flinke afstanden die we hier hebben afgelegd.

Toen we in Los Angeles aankwamen (nu pas merkten we goed het verschil in drukte, want hier staan die wegen gewoon altijd vol!) moesten we op zoek naar een motel voor vannacht. En dat bleek niet gemakkelijk. De meeste motels hadden hun prijzen flink omhoog gegooid en een aantal vroeg vaak meer voor een kamer dan wij voor onze eerste (luxe) hotelkamer van deze vakantie hadden betaald. Wijze les, hotels in LA kan je dus beter via het reisbureau boeken. Nadat we bijna de hoop hadden opgegeven om nog in downtown Los Angeles een kamer te vinden, reden we naar een Best Western in Chinatown. Gelukkig hadden ze daar nog plek voor ons. Voor de auto moesten we betalen voor een plekje, vooruit dan maar weer. Het was wel de slechtste Best Western ever volgens ons. In ieder geval qua prijs-kwaliteit verhouding. We hebben in heel wat goedkopere (helft van deze prijs) gezeten en dat was vaak tien keer netter, betere omgeving, etc. Het was hier nogal vaag. Maar we hebben in ieder geval een bed en ook maar meteen een overnachting voor morgen geboekt via internet bij een motel in de buurt van de luchthaven.

’s Avonds hebben we wat rustig aan gedaan, uit eten geweest bij Applebee’s en daarna de bioscoop ingegaan die naast het restaurant zat. We hadden de keuze uit twee films die redelijk vlot zouden beginnen: The Covenant en Crank. We kenden ze geen van beiden. Van de eerste film hadden we een voorstukje gezien de vorige keer dat we naar de bios gingen, maar we konden ons niet meer herinneren of het ons wat leek. We besloten de cassière te vragen waar Crank over ging en na haar korte uitleg (die we maar half verstonden) besloten we de gok te nemen en deze film te bekijken. Wrong decision! Hahaha, ik denk niet dat deze film uitkomt in Nederland. Maar mocht dat wel het geval zijn, sla maar over. We hebben de film niet eens uitgezien. Het was een slecht verhaal, slecht uitgewerkt, slecht geacteerd en zo kan ik nog wel doorgaan 😉 Beeld en montage was het enige aardige aan de film vonden we. Het ‘gokken’ zit ons dus niet echt mee, ook als we niet in Vegas zitten.

Gereden aantal miles vandaag: 273
Overnachten in: Best Western, Los Angeles.
Gegeten bij: Applebee’s. (heerlijk gegeten bij dit restaurant op een geweldige locatie. Doordat het restaurant op de top van een heuveltje staat bij Paramount boulevard heb je een mooi, romantisch uitzicht over de stad, met alle lichtjes)

Highway One (25-09-2006)

Zeehonden langs Highway 1Vandaag beschouwen we dan toch echt een beetje als het begin van het einde van de vakantie. We moeten nu namelijk echt terug gaan rijden richting Los Angeles om daar over 3 dagen het vliegtuig te nemen naar Nederland. Onderweg staan eigenlijk geen grote attracties meer op de planning; wel hebben meerdere mensen ons aangeraden om over highway 1 terug te rijden ipv de interstate die er een paar kilometer naast ligt (highway/interstate is in Nederland ongeveer vergelijkbaar autoweg/snelweg). Het leuke van highway 1 is namelijk dat deze voor het grootste deel echt langs de kust van California ligt. Dit zou dus een leuk uitzicht op moeten leveren op de kustlijn, met zijn stranden en bergen. Dit leek ons wel wat, maar jammer genoeg hadden we onderweg 1 probleem: het was enorm mistig! Op de meeste plaatsen langs de route konden we niet veel meer dan 100 meter vooruit kijken en dat was net genoeg om de bochtige weggetjes in de gaten te houden, maar van de mooie kustlijn zag je dus jammer genoeg niet veel. De stukjes die we zagen waren wel mooi, dus bij helder weer moet het zeker een leuk uitzicht geweest zijn.
Onderweg kwamen we meerdere stopplaatsen tegen, waar vandaan je uitzicht hebt op de zee. Ondanks de mist zijn we toch op bijna al deze plaatsen gestopt, zodat we in ieder geval onze benen even konden strekken. Op een van de stopplaatsen was het echter opvallend druk. Nieuwsgierig als wij zijn, gingen we tussen de mensenmassa staan en probeerden we te ontdekken waar al deze mensen toch naar keken. In eerste instantie zagen we alleen een berg vogels die we al op meerdere plaatsen tegen waren gekomen, dus dat leek ons niet zo heel erg interessant. Toen we echter nog een keer goed in de verte keken, bleken er allemaal ‘rotsen’ op het strand te liggen. Dit waren echter geen rotsen, maar zeehonden die lagen te zonnen! De stopplaats was best groot en even verderop bleek je ook een stukje richting het strand te kunnen. Op dit strand lagen echt enorm veel zeehonden bij elkaar en je stond nog geen 50 meter van ze af. Erg leuk om die beesten nu eindelijk ook eens in het wild te zien!
Na een tijdje naar zonnende zeehonden gekeken te hebben, vonden we het tijd om door te rijden richting ons motel in Morro Bay. Deze ligt ongeveer halverwege highway 1 en is dus de meest geschikte plaats om te stoppen op de lange rit van San Francisco naar Los Angeles. Morro Bay bleek echter best een klein plaatsje te zijn, net als alle andere stadjes langs highway 1. Erg veel keus voor een restaurant die avond, hadden we dus niet. Uiteindelijk zijn we maar op goed geluk gaan zitten bij het Mexicaans restaurant Lolo’s dat vlak naast ons motel zat. Dit bleek een uitstekende keuze te zijn, want het eten was erg lekker. Na deze maaltijd vonden we dat we nog wel een lekker toetje verdiend hadden na zo’n lange dag rijden, dus bij de avondwinkel op de hoek hebben we nog even een lekkere bak Ben & Jerry’s gehaald. Tonnetje rond en voldaan zijn we daarna in ons motel met de prachtige naam Holland Inn in slaap gevallen.

Gereden aantal miles vandaag: 259
Overnachten in: Holland Inn, Morro Bay.
Gegeten bij: Mexicaans restaurant Lolo’s.

San Francisco deel 2 (24-09-2006)

Golden Gate BridgeVanmorgen was onze eerste missie om zo dicht mogelijk in de buurt te komen van de Golden Gate Bridge. We wilden er niet overheen, maar vlakbij stoppen om wat foto’s te maken en te filmen. We vonden al snel een parkeerplaats in de buurt en konden toen de brug van dichtbij (en bij helder weer!) bekijken. Wat een enorm ding is dat zeg!

Daarna zijn we weer naar de werf gereden en hebben daar geparkeerd op het plekje dat we gisteren zagen. Toch nog een aardige wandeling naar de pier waar de boten vertrekken naar Alcatraz, maar we waren ruim op tijd. En dus besloten we Pier 39 af te lopen, want op het eind daarvan liggen zeeleeuwen. Wat een grappige, logge beesten. Ze waren erg vermakelijk om naar te kijken. Lekker zonnen, een beetje slapen, wat zwemmen. Ze zullen daar vast genoeg te eten krijgen, anders zullen ze er niet massaal blijven liggen.
AlcatrazOm 12.45 vertrok onze boot naar de beruchte gevangenis, waar ooit vijf mensen zijn ontsnapt (maar waar je ook kijkt, overal water, dus heel ver zullen ze niet zijn gekomen). En o ja, er waren er ook twee spoorloos, maar die moesten inmiddels wel zo oud zijn dat ze niet meer leefden, werd ons verzekerd. We werden op het eiland gedropt en konden elke willekeurige boot terugnemen, dus je kon de tijd nemen om rond te lopen in en om Alcatraz. Toen we onze kaartjes kochten konden we kiezen of we er wel of geen audio bij wilden. We kozen voor de audio en dat was een goede beslissing. Natuurlijk kun je ook door de gevangenis lopen zonder de verhalen erbij (verteld door mensen die daar vast zaten) te beluisteren, maar je zult er weinig gevoel bij hebben denk ik. De geluiden en stemmen die je via de hoofdtelefoon hoort, maken je zo nu en dan een beetje paranoia. De verhalen die je te horen krijgt voegen ook absoluut iets toe. Het is meer dan alleen maar langs al die cellen lopen. Waar je overigens ook zelf in kan gaan staan, en wat is het dan klein zeg. Wel even anders dan de Nederlandse cellen. In sommige cellen lagen ook nog persoonlijke bezittingen van een aantal gevangenen. Een gek gevoel geeft dat als je daar naar kijkt. Op de rest van het eiland is, uiteraard, niet heel veel te beleven. Dus vrij snel na onze audiotour zijn we weer op de boot gestapt.

Na een stevige lunch wilden we naar Chinatown, waar dit weekend ook wat festiviteiten waren. Omdat het te ver was om te lopen (zeker gezien de enorm steile straten hier) wilden we met de bekende cablecar. Alleen waren we niet de enige. We hebben dik een uur moeten wachten voordat we met zo’n ‘tram’ mee konden. Maar het was het wachten wel waard, want wat een gaaf ritje was dat. We stonden op een prima plek op het achterdek, naast degene die de handrem bediend. Zo zagen we de straten heel steil af- en oplopen. Soms ging het echt met een noodgang naar beneden (naar boven had-ie wat meer moeite mee).
CablecarIn Chinatown was inmiddels niet zoveel meer te doen. Kraampjes werden afgebroken en er waren nog maar een paar winkels open. We hadden wel flinke honger, dus gingen we op zoek naar een restaurant. Nu stikt het er natuurlijk van de restaurants, maar welke is dan goed. We hadden geen idee en de menukaarten die we op straat kregen aangereikt hielpen ons ook niet echt. Aangezien we geen van beiden viseters zijn, wilden we wel een restaurant die ook genoeg keuze had in ander vlees. Uiteindelijk zijn we gewoon op goed geluk een redelijk groot restaurant ingelopen dat al aardig vol zat en hebben daar heerlijk gegeten.

De terugweg met de cablecar ging gelukkig wat vlotter (al moesten we er nog wel een deel van een straat voor ‘beklimmen’ om bij de halte te komen). Beneden bij de werf was het inmiddels uitgestorven. Echt onbegrijpelijk. Als je rond een uurtje of 9 over de Scheveningse boulevard loopt dan loopt er nog genoeg volk, maar hier echt niemand. We voelden ons er bijna ongemakkelijk bij. Zelfs het 3-daagse bluesfestival waar we langs liepen overdag was al afgelopen en al zo goed als afgebroken. Ook op de drukke parkeerplaats waar we stonden, waren nog maar weinig auto’s over gebleven. Gaan de mensen hier echt zo vroeg slapen? Zo gezellig (overal wel wat te doen en te zien) en druk als het hier overdag is, zo saai is het ’s avonds. Maar goed, na zoveel indrukken is het voor ons ook niet slecht om het ’s avonds wat rustiger aan te doen.

Gereden aantal miles vandaag: 39
Overnachten in: Days Inn, San Bruno.
Gegeten bij: Far East Cafe. (het klinkt niet echt Chinees hè!? Maar dat was het wel 😉 )

San Francisco deel 1 (23-09-2006)

San Francisco - StraatartiestenVanochtend hebben we eerst maar eens bedacht waar we vanavond gaan overnachten. Gelukkig hadden we in de Best Western een wireless-internetverbinding, dus konden we op internet zoeken naar beschikbare kamers zonder alle motels daadwerkelijk af te moeten rijden of op te bellen. Het motel dat de meest gunstige prijs/locatie verhouding had, was Days Inn in San Bruno, een buitenwijk van San Francisco. We besloten er niet direct ’s morgens heen te rijden maar eerst San Francisco in te gaan, aangezien je meestal pas vanaf 2 uur ‘s middags in kan checken. We hebben wel alvast even via internet een reservering geplaatst, zodat we ’s avonds niet weer met lege handen staan.
Op de meeste websites en in de meeste reisverslagen wordt het afgeraden om met je eigen auto San Francisco in te rijden, aangezien het een drama zou zijn met parkeren. Wij hadden echter gisteravond al even gekeken naar het openbaar vervoer (de BART en de Muni) en wij vonden dat eerlijk gezegd een groter drama. Vanaf het vliegveld zou het of $10 per persoon (enkele reis) worden en dan een uur reizen of $5 pp en dan ruim 1,5 uur reizen. Met de auto is het net een kwartiertje en zou je maximaal $30 dollar voor een hele dag parkeren betalen! Wij gingen dus met de auto en vonden recht tegenover Pier 39 een parkeergarage.
Pier 39 is de vertreklocatie van de boot naar Alcatraz, de bekendste gevangenis ter wereld. In de vele reisverslagen hadden we al gelezen dat het slim is om vooraf een kaartje te kopen, en dat bleek ook absoluut nodig. De eerst volgende plaats op de boot was pas de volgende dag om 12:45. Vandaag zouden we ons dus anders moeten vermaken. We besloten eerst maar eens een stukje rond te lopen over Fisherman’s Wharf, het gebied rond alle pieren. Eigenlijk is dit stuk een beetje vergelijkbaar met de het gebied rond de pier in Scheveningen; erg veel toeristen, veel winkeltjes, straatartiesten en heel veel restaurants. Leuk om een keer gezien te hebben, maar geen plaats waar wij de hele dag rond willen blijven hangen. We besluiten dus een stukje richting de Golden Gate Bridge te gaan wandelen. Na langs een leuk strandje gekomen te zijn, moeten we over een flinke heuvel lopen om de Golden Gate niet uit het zicht te verliezen. Bovenop de heuvel hebben we een mooi uitzicht op de brug. Aan de andere kant van de heuvel blijkt Fort Mason te liggen en onze ogen vallen op een bordje bij de ingang: “Unlimited parking $8”. Dat is een stuk goedkoper dan de $6 per uur, waar we nu staan, dus wij weten waar we voortaan parkeren. Vanaf Fort Mason was het nog te ver lopen om bij de Golden Gate te komen, dus we besloten terug te gaan naar de garage.
Vanuit de garage zijn we naar het Golden Gate-park gereden waar we even lekker rond gelopen hebben. Vandaaruit zijn we naar Union Square gereden, een groot winkelgebied in het centrum van San Francisco. De garage onder het hartje van Union Square bleek een stukje vriendelijker voor de portemonnee. Na een stukje rond gelopen te hebben (heuvel op, heuvel af!) vonden we het wel tijd voor wat te eten. In eerste instantie konden we niet zoveel restaurants ontdekken, maar na een kwartiertje rondgelopen te hebben, zagen we toch een klein Italiaans restaurant zitten genaamd Segafredo. Aan de voorkant werd voornamelijk koffie en gebak verkocht, maar achterin bleek je ook nog best ruim te kunnen zitten. Hier hebben we allebei heerlijk genoten van een pizza, waarna we het tijd vonden om naar ons nieuwe hotel te rijden en daar in te checken. Binnen 30 minuten stonden we voor de deur van ons nieuwe hotel en nog sneller waren we ingecheckt. Met ongeveer dezelfde snelheid sliepen wij, want wandelen in San Francisco kun je het best vergelijken met bergbeklimmen! 😉

Gereden aantal miles vandaag: 49
Overnachten in: Days Inn, San Bruno.
Gegeten bij: de Segafredo.

Yosemite National Park (22-09-2006)

We hebben vandaag het laatste National Park bezocht dat op onze planning stond. En wat voor een. Yosemite National Park is samen met Zion mijn favoriete park. Het zijn van die parken die je op een zondag zou bezoeken en daar dan de hele dag rond kan lopen, zitten, hangen, picknicken, etc. Gewoon echt mooie parken. Rogier blijft erbij dat hij Sequoia het leukst vond, maar Yosemite staat op een goede tweede plaats.
Wat maakt Yosemite dan zo bijzonder? De watervallen. Al moesten wij er toch even heel hard naar zoeken! Ze drogen namelijk erg op in de zomer. En dus was er van de Yosemite Falls weinig tot niets stromends over. (zie foto hierboven) Lichtelijk teleurgesteld verlieten we Yosemite valley (via Merced kom je hier meteen binnen rijden) en gingen een lange slingerweg omhoog naar Glacier Point. Het is zeker de moeite waard om hier naartoe te rijden. Wat een ontzettend mooi uitzicht zeg op 2199 meter hoogte! Beneden zag je nog mini-auto’s rijden en kon je goed de riviertjes zien. De bergen waren ook erg mooi. En jawel, daar tussenin zomaar twee (!) watervallen. Zo blij als twee kleine kinderen waren we.
Dus op weg naar beneden hadden we een missie; een van die twee watervallen van dichterbij bekijken. En dat was nog niet zo makkelijk omdat je zo vaak draait en draait en draait dat je op een gegeven moment niet meer weet waar ze precies zaten. Maar op een gegeven moment vonden we er een, de Bridalveil Fall. (zie foto hieronder) Dat is er eentje die aan het eind van de zomer nog steeds een waterval is. We konden er redelijk dichtbij komen (nog net niet onderstaan, tenzij je een klim over de stenen wilde maken, wat werd afgeraden), dus dat was indrukwekkend.
Verder geen beren gezien. Helaas of gelukkig. We willen inmiddels wel eens een keer echt wildlife zien (en dan dus niet de eekhoorntjes die ook in dit park rondliepen, maar dan groter en wat tammer). Dit park is zeker geschikt voor beesten. Maar waar we ook keken… In gedachten waren ze er overigens wel. Als je lang genoeg het bos in tuurt, dan zie je vanzelf beren. Maar van dichterbij blijken het dan toch stukjes bomen te zijn. It’s all in the mind. Ook toen ik hoognodig naar de wc moest… Even plassen in een gigantisch gat in de grond. Uhm… Ik heb er denk ik een minuut naar gekeken, maar kreeg niet meer uit mijn hoofd dat er een beer omhoog zou komen als ik er op zou zitten. Dus ik heb het toilet maar weer snel verlaten.
Ook in Yosemite waren trouwens wegwerkzaamheden–net als in het vorige park. Gelukkig moesten we dit keer maar tien minuten wachten. We werden over een brug naar de andere kant van de weg geleid (over de rivier), want een van de rotsen bleek te zijn ingestort, er was een groot deel van de weg totaal bedolven onder rotsblokken. Je zal er maar onder hebben gereden. Het is redelijk normaal hier denk ik, want we komen regelmatig bordjes langs de weg tegen dat je op moet passen voor falling rocks. Hmmm…
We hadden graag nog de Tiago Pass willen afrijden door Yosemite, maar we waren al langer in het park geweest dan we van te voren hadden bedacht (deels omdat we het zo leuk vonden, dat we rustig de tijd namen en ook deels omdat de afstanden toch nog behoorlijk lang zijn in dit park). Dus besloten we door te rijden naar San Francisco (nog zo’n 4-5 uur rijden vanaf Yosemite).
Daar hadden we voor het eerst tijdens deze vakantie een klein dramaatje met het vinden van een slaapplaats. Gisteravond hadden we al even op internet gezocht naar een hotel/motel in downtown San Francisco, maar alles zat zo goed als vol, of we moesten er veel dollars voor neerleggen. Dus besloten we in de buurt van het vliegveld van San Francisco in een hotel te zitten en dan met het openbaar vervoer naar het centrum te gaan. We gingen er vanuit dat daar genoeg plek was. Maar dat hadden we goed mis. Voor het eerst werden we bij drie motels afgewezen. Vol of we moesten weer heel wat dollars neerleggen en dan konden ze nog wel wat regelen. Bij de vierde, een Best Western, hadden ze gelukkig nog wel net aan een plekje. Maar voor maar 1 nacht, want in het weekend zat het ook daar al helemaal vol. We namen natuurlijk deze nacht maar al te graag aan. Morgen zien we wel weer verder.

Gereden aantal miles vandaag: 341
Overnachten in: Best Western Grosvenor, San Francisco.
Gegeten bij: de McDonalds aan de overkant van de straat, omdat we eigenlijk te moe waren om nog te bussen naar downtown San Francisco.

Sequoia National Park (21-09-2006)

General Sherman - Sequoia National ParkNa alle woestijn en rotsen waren wel toe aan wat groene natuur; vandaag staat Sequoia National Park op het programma, het grote-bomen-park, dus dat moet wel goedkomen. Na een vrij korte rit vanuit Visalia waren we bij de ingang van het park. Aangezien we een national-park-pas hebben, konden we zo doorrijden. Ons oog viel echter nog wel even op een papiertje waarop stond dat er wegwerkzaamheden in het park waren. Op dat moment dachten we nog ‘een beetje ruwe weg, dat geeft niet’, maar daar kwamen we snel van terug. Na ongeveer een half uurtje over slingerende weggetjes door het eerst stuk van het park gereden te hebben, kwamen we aan bij de wegwerkzaamheden. Er stond een man midden op de weg met een stopbord en die hield alle auto’s tegen. We bleken ‘even’ 40 minuten te moeten wachten totdat we verder mochten rijden! En dat terwijl we dus nog niets spannends van het park gezien hadden. Gelukkig hadden we nog genoeg leesvoer door te werken om een hotel uit te zoeken voor de aankomende nacht in San Francisco, anders verveel je je toch wel zo midden op een bergweggetje in de middle-of-nowhere.
Na 40 minuten mochten we dan toch inderdaad onder begeleiding van een auto van de wegwerkers doorrijden. Ze bleken een stuk weg van zo’n 3,5 kilometer aan het vernieuwen te zijn en daarvoor stonden dus erg veel graaf- en asfaltmachines langs de kant, waardoor 1 weghelft absoluut onbruikbaar was. De andere weghelft hadden ze zelf dus nodig om van a naar b te komen, dus moesten de toeristen maar ‘even’ wachten.
Gelukkig was het wachten echt de moeite waard! Het park was echt zo’n beetje wat ik me erbij had voorgesteld: veel groen en enorme bomen. En met enorme bomen overdrijf ik écht niet, de dikste en oudste boom in het park (zie foto) is zo breed, dat je 24 mensen (met uitgestrekte armen) nodig hebt om er een cirkel omheen te vormen! En deze boom was meer dan 2000 jaar oud, het oudste levende wezen op aarde. Voor mij persoonlijk de beste attractie in een National Park tot nu toe!
Eekhoorn in Sequoia National ParkOm bij de boom te komen moesten we echter wel een klein stukje lopen (zo’n 15 minuten heen en zo’n 30 minuten terug, aangezien het bergaf- en daarna bergopwaarts ging). Onderweg kwamen we nog een aantal hele lieve eekhoorntjes tegen, die zowaar ook nog wel even bleven zitten om gefilmd en gefotografeerd te worden. Gelukkig waren ze niet zo verwend dat ze ook om eten kwamen bedelen, en bleven ze op veilige afstand van de bezoekers.
Na deze prachtige bomen gezien te hebben, was het dan eindelijk tijd om door te rijden naar Merced. Onze laatste stop voordat we San Francisco bereiken. Vanuit Merced kunnen we relatief makkelijk nog even naar Yosemite National Park rijden om daarna echt door te rijden naar San Francisco.

Gereden aantal miles vandaag: 201
Overnachten in: Vagebond Inn, Merced. Beetje vreemd motel, hoe kan het ook anders met zo’n naam?! In tegenstelling tot alle andere hotels die we tot nu toe gehad hebben, waren hier aan het eind van de avond nog een hele berg kamers over. Verder voelde je de vloer van je kamer op en neer gaan als er iemand buiten over de gallerij liep. Maar verder niets te klagen. Het was schoon, we konden douchen en we hebben lekker geslapen.
Gegeten in: Denny’s; heeft volgens Nathalie de lekkerste Teriyaki die ze ooit gegeten heeft en het is niet eens een Japans restaurant!

Death Valley (20-09-2006)

Vandaag hebben we het grootste National Park van Amerika doorkruist: Death Valley. Op deze uitgestrekte droge vlakte worden bezoekers weinig begeleid of geëntertaind door rangers, wat wel in andere parken gebeurd. What you see is what you get. Bij aankomst in Death Valley was het even zoeken waar we naar toe moesten. Een Amerikaanse toerist vertelde dat we naar Furnace Creek moesten. Daar bleek het visitors center te zitten waar we een plattegrond meekregen en een sticker die we tegen de voorruit moesten plakken, als bewijs dat we betaalde bezoekers zijn van het park. Van daaruit zijn we richting Dante’s View vertrokken. Een uitzichtpunt dat veel indruk op ons heeft gemaakt. Vanaf dat superhoge (en best koude punt) kun je Badwater zien liggen.

Onderweg hebben we steeds goed op de temperatuur van de auto gelet. Het kan namelijk zijn dat de auto oververhit raakt. Hoewel het best warm was vandaag en de auto het soms zwaar te verduren had als we steeds hoger gingen, ging het allemaal prima. De zon is hier ook zo verraderlijk, want op hele hoge punten kan het dus wel degelijk koud zijn. We vonden het in ieder geval wel leuk om door deze vlakte te rijden, al leek er op den duur geen eind aan te komen. Het was een weg met veel bochten, dus echt lekker doorrijden kan je niet.
Op de snelwegen dan weer wel, daarna richting Visalia (een plaatsje dichtbij ons volgende park, Sequoia). We merken dat we de lange afstanden rijden wat zat beginnen te worden. Niets is zo frustrerend als op Tomtom te zien dat je nog zo’n 300 kilometer op dezelfde weg mag rijden… Maar we moeten er iets voor over hebben natuurlijk om wat te zien van deze omgeving en om uiteindelijk weer op tijd terug te zijn in Los Angeles! 😉

Gereden aantal miles vandaag: 419
Overnachten in: Econo Lodge, Visalia.
Gegeten in: IHOP. (Yes yes, eindelijk een pancake house gevonden die ook ’s avonds open is. Al kwamen we eerder IHOPs tegen, maar wisten niet waar het voor stond. International House Of Pancakes. We hebben er heerlijk gegeten, maar het is ons een beetje onduidelijk of ze die pancakes nou als hoofd-, voor- of nagerecht zien… We kregen beiden 2 pancakes (gevuld met chocola, jummie!) op formaatje ontbijtbord. En ook nog een grote dinerbord met scrambled eggs met kaas, worstjes en een soort rösti achtige aardappelpannenkoek (ze noemen dat hier hash browns). Tja, hoe krijg je dat in godsnaam allemaal op en in welke volgorde?! Wel allemaal erg lekker trouwens!)

Hoover Dam (19-09-2006)

Hoover DamVanmorgen was het dan zover, we moesten vertrekken uit Las Vegas. Het uitchecken ging makkelijk en we konden ons inhouden om niet nog even achter één van de gokautomaten te gaan zitten, dus we waren vrij vroeg op pad. Vandaag hadden we een lange rit voor de boeg, namelijk naar Beatty een plaatsje naast Death Valley NP. Onderweg willen we eerst even stoppen bij de Hoover Dam , een van de grootste dammen ter wereld.
De weg naar de Hoover Dam viel best mee. Vanuit Vegas is het nog geen uurtje rijden. Voordat je de Hoover Dam zelf over mag, moet je echter wel langs een security-checkpoint. Hier was ik even bang dat ze de hele auto gingen doorzoeken, op zoek naar al onze explosieven natuurlijk 😉 , maar na ons even aangekeken te hebben, mochten we al doorrijden. Vlak voor de dam was er een afrit naar een parkeergarage. Vlak voor de ingang zagen we een bordje met $8 staan, dus besloten we eerst maar eens met de auto over de dam heen te rijden. De dam zelf is niet zo heel erg lang, dus we waren snel aan de overkant. Hier bleken we na zo’n 200 meter gratis te kunnen parkeren! Dus dat hebben we natuurlijk even gedaan om daarna een stukje over de dam te kunnen lopen. Als je er eenmaal op staat en over de reling naar beneden kijkt, zie je pas echt hoe hoog die dam werkelijk is! Erg imposant!
Na dit indrukwekkende uitzicht was het tijd om verder te rijden naar Beatty, want dat zou nog een hele rit zijn. Na ruim 4 uur rijden kwamen we aan in Beatty en al snel hadden we ons Motel 6 gevonden, want erg groot bleek het stadje niet te zijn. Het was zelfs zo klein, dat we nergens een supermarkt konden vinden en er bleek ook maar 1 restaurant te zijn. Nou ja, restaurant is een groot woord, het was eigenlijk een casino met daarin een zaal waarin de bezoekers konden eten. Vlak voor het casino zat nog een snoep/ijs-winkel genaamd Death Vallet Nut & Candy Company. Dit konden we na de lange rit natuurlijk niet overslaan. Binnen bestelden we allebei een bakje met 3 bolletjes ijs. De man achter de balie keek ons een beetje vreemd aan en vroeg of we dat wel zeker wisten?! Waarop wij vroegen hoe groot de bollen dan wel niet waren. Hij verzekerde ons dat hij écht hele grote bollen schepte en niemand eigenlijk ooit 3 bollen bestelde. Daarop besloten wij het dus maar bij 2 bollen te houden en dit bleek ook absoluut het maximum te zijn wat we op konden; ik heb nog nooit zoveel ijs voor mijn geld gehad! En het was nog super lekker ook!
Na deze overheerlijke snack, zijn we even in onze hotelkamer uit-gaan-buiken. Na 2 uurtjes op bed gelegen te hebben, hadden we wel weer genoeg honger om in het casino te gaan eten. En eerlijk gezegd was het eten best aardig. Nathalie had een salade, gevolgd door een steak-burger. Ik had zelf een grote “Stage Coach”-burger, naar de naam van het casino. Na de maaltijd konden we het toch niet laten om nog even achter de blackjack-automaat te gaan zitten. Gelukkig weten we ons wel goed in te houden en gokken we maar met 5 tot 10 dollarcent tegelijk, dus veel hadden we niet te verliezen. Met mij eerste dollar kwam ik tot $4,90 winst, maar toen ik besloot nog 1 potje te spelen om het bedrag boven de $5 te krijgen, verloor ik natuurlijk alles. Nathalie had nog minder geluk, die verspeelde $3 zonder een noemenswaardige winst te behalen. Kortom, tijd om te stoppen en lekker naar bed te gaan.

Gereden aantal miles vandaag: 195
Overnachten in: Motel 6, Beatty.
Gegeten in: Stage Coach Hotel Casino