Waipoua Forest en Miranda [16-11-2017]

Via een lange smalle slingerweg zijn we vandaag naar Whaipoua Forest gereden. Dit is een bos met de, in Nieuw Zeeland, bekende Kauri bomen. Het bos wordt beheerd door de lokale Maori stam die in dat gebied leeft en die hebben ook een visitor-center met informatie over het bos. Wij verwachtten eigenlijk net zo’n informatiecentrum aan te treffen als je bij de gemiddelde Amerikaanse National Parks ziet, deze was echter ‘iets’ kleiner. Het zag er van buitenaf zelfs zo klein en slecht onderhouden uit, kortom zo niet-uitnodigend, dat we het visitorcenter maar overgeslagen hebben.

Na nog een 20 minuten slingeren en langzaam rijdend de heuvels in gereden te zijn, kwamen we bij onze eerste stop aan. Langs de weg kon je hier parkeren en daar was een kleine houten huisje waardoor je het bos in mocht lopen. In dat huisje moest je verplicht je schoenen schoonmaken en desinfecteren, om de planten in het bos te beschermen. Via een board-walk van een paar minuten kwamen we daarna uit bij de grootste boom die wij ooit gezien hebben: Tane Mahuta. Volgens de schattingen is deze boom 1200 tot 2000 jaar oud. Hij heeft een diameter van bijna 14 meter en is 51 meter hoog. Ter vergelijking, de grootste boom in Sequoia National Park, General Sherman genaamd, heeft een diameter van 7 meter en een hoogte van 83 meter. Qua hoogte verliest de Tane Mahuta het dus, maar qua omvang is hij toch wel de meest imposante boom om te zien.

Na de Tane Mahuta gezien te hebben zijn wij doorgereden naar een andere korte walk door het bos. Bij de ingang van deze walk weer dezelfde reinigings-installatie en daarna een gravel pad door het bos. Na een 10 minuten lopen kwamen wij uit bij de Four Sisters. Dit zijn 4 Kauri bomen die zo dicht op elkaar staan dat het haast lijkt als ze uit dezelfde stronk groeien. Ze zijn bij lange na niet zo breed en hoog als Tane Mahuta, maar het is wel heel bijzonder om 4 grote bomen zo dicht op elkaar te zien staan.

Na deze mooie wandelroute zijn we weer in de camper gestapt om een flink stuk naar het zuiden te rijden. We hebben nog lang niet alles in het noorden gezien, maar we moeten helaas keuzes maken. Zelfs met 4 volle weken kun je niet alles bekijken wat dit mooie land te bieden heeft. We hebben er daarom voor gekozen om naar Miranda te rijden. Dit ligt een flink stuk onder Auckland, waardoor we vandaag ruim 300 kilometer af hebben gelegd. Helaas kwamen we hierbij precies in de spits langs Auckland, wat dan toch wel een beetje vergelijkbaar is met de ring van Amsterdam in de spits: een-en-al file.

Het plaatsje Miranda ligt op de route naar de Coromandel-coast waar we morgen naartoe willen. Maar wat het holiday-park in Miranda bijzonder maakt, is dat ze hier een eigen hot-spring hebben. Ze hebben dus een zwembad dat gevuld wordt met warm water dat via natuurlijke wijze uit de grond omhoog borrelt. Helaas waren we vrij laat (19:00) bij de camping en moesten we nog wat eten, waardoor het te laat werd voor Fabienne om nog in het warme water te spelen. Morgenochtend dus nog maar even kijken of we hier even lekker in kunnen springen!

Kauri Coast [15-11-2017]

Vandaag hebben we een dagje rustig aan gedaan op de camping. We waren wel toe aan een rust momentje en deze camping is gewoon erg mooi, dus een ideale combinatie.

Rond een uur of 10 was bijna iedereen van de camping vertrokken (veel mensen blijven maar 1 dag en reizen dan weer door). Alleen onze camper en een andere stonden er nog. In die andere camper bleken ook Nederlanders te zitten. We raakten aan de praat en hoorden dat dit voor hen de laatste dag was. Ze hadden nog veel etenswaren over, dus die wilden ze aan ons geven. Samen met deze spullen kregen we een stortvloed aan tips en plaatsen die we zeker moesten bezoeken. 😊

Zij hadden overigens ook een dochtertje bij zich, die net 2 was geworden. Het valt ons nu steeds vaker op dat we veel ouders met jonge kinderen tegenkomen in Nieuw Zeeland. Er zijn dus schijnbaar nog meer van die ‘gekken’ die het aandurven om met hun kindje een eind te gaan vliegen naar zo’n mooi land als Nieuw Zeeland. 😉

Van die Nederlanders die vertrokken hoorden we dat er op de camping waar we nu staan ook veel te doen is. Zo blijkt er paling in de beekjes rondom het park te zwemmen. Deze kun je zien als je ’s-avonds met een zaklamp op het water schijnt en er dan een stukje brood in gooit. Dit hebben we dan ook zeker even uitgeprobeerd. Het krioelde daar echt van de paling! Heel gek om dat zo ‘in het wild’ te zien.

Even verderop stond een brug over het beekje. Onder deze brug zaten een aantal gloeiwormen, of beter gezegd de lichtgevende larven. Op andere plaatsen in Nieuw Zeeland is dit een ware attractie, waarbij je onder begeleiding een grot bezoekt en/of invaart om deze larven te zien. Hier, op deze camping, hadden we dus gewoon al een mini-voorstelling.

Vandaag was natuurlijk ook nog mijn verjaardag. Ik ben nog nooit op vakantie geweest tijdens mijn eigen verjaardag, maar dit was toch wel een van de mooiste plekken die ik kan bedenken om het te vieren. Jammer alleen dat er behalve Angelica en Fabienne niemand op mijn feestje is gekomen! 😉

Whangarei Falls en Kuari Coast [14-11-2017]

Vandaag zijn we vroeg wakker geworden (6:30) en hebben we nog even lekker van de zeelucht en het mooie uitzicht kunnen genieten. Daarna hebben we ontbeten en de camper klaar gemaakt voor vertrek om door te rijden naar Whangarei. Dit plaatsje ligt op de route naar Kaihu waar we uiteindelijk naartoe willen. In Whangarei is in ieder geval één punt dat we graag willen zien: de Whangarei Falls, oftewel onze eerste Nieuw Zeelandse waterval.

Eenmaal in het plaatsje aangekomen, blijkt er een mooie parkeerplaats recht naast de watervallen te liggen. Hier konden wij mooi onze camper parkeren en onze wandelschoenen aantrekken. De waterval kun je namelijk niet alleen bekijken, maar je kan er ook een rondje omheen lopen. Dit is heel mooi aangelegd; eerst loop je over ijzeren platen aan de bovenkant over de rivier voordat hij naar beneden stort en daarna ga je langs de wand via trappetjes en bospaadjes naar beneden om onderaan de waterval uit te komen. De waterval is ‘maar’ 26 meter hoog en even naar beneden lopen gaat nog best snel. Daarna met een bruggetje naar de overkant en langs de andere wand weer omhoog lopen duurt echter toch iets langer. 😉 Maar het was de moeite zeker waard! Fabienne vond het ook erg leuk, want die mocht kleine kiezeltjes van het wandelpad in de snel stromende beek gooien onderaan de waterval. Waar zo’n klein kind zich al niet mee kan vermaken. ;-P

Vanaf Whangarei zijn we doorgereden naar Kaihu. Hierbij kregen we onderweg onze eerste regenbui. Zolang we onderweg zijn, en dus lekker overdekt zitten, is dat natuurlijk helemaal niet erg.

Het laatste stuk van de route naar Kaihu gaat over een weg waar je volgens de Nieuw Zeelandse regels 100 kilometer per uur mag rijden. In Nederland zouden we dit een buiten-de-bebouwde-kom-weg noemen, oftewel 1 baan heen en 1 baan terug met een onderbroken streep in het midden. In Nieuw Zeeland lopen dit soort wegen echter niet bepaald rechtdoor, maar zijn ze voorzien van de nodige haarspeldbochten. Als er dan ook nog eens om de paar 100 meter een oprit van een boerderij of iets anders ligt, dan snap je wel dat 100 kilometer per uur rijden geen fijne snelheid is. Uiteindelijk doen we dus altijd langer over een rit dan de routeplanner in eerste instantie aangeeft. Maar goed, daar gaan we vanaf nu dan ook maar rekening mee houden.

Uiteindelijk zijn we gestopt bij de camping Kauri Coast. Een prachtig gelegen camping, omringt door 2 snel stromende beken en daarachter heuvels begroeit met allerlei bomen. Hierdoor ontstaat echt een zee van groentinten. Erg mooi!

Naast al dit natuurschoon hebben ze ook nog een kleine speeltuin, ‘speciaal’ voor Fabienne natuurlijk, met daarin een trampoline, een glijbaan, een zandbak en een schommel. Meer heeft Fabienne natuurlijk niet nodig om zich een paar uur te vermaken! 😊

De camping heeft, net als de meeste betaalde campings in Nieuw Zeeland, een centrale keuken. Hierin vind je meerdere elektrische fornuizen/magnetrons/ovens en wasbakken. Daarnaast is er ook een zitgedeelte. Je kan dus je eigen eten klaarmaken in de keuken van de camping en daarna gelijk daar de afwas doen. Best handig, zo blijft de keuken in de camper schoon en spreek/zie je ook gelijk de andere mensen op de camping.

We hadden voor deze camping gekozen, omdat deze dicht bij het Whaipoua Forest ligt. Daar zouden we morgen dus eigenlijk ook naar toe gaan. Maar aangezien we alle drie redelijk moe zijn van het reizen, hebben we vanavond besloten dat we nog een extra dagje op de camping blijven. Kunnen we morgen rustig even douchen, onze kleren wassen en de laatste spullen uit de koffers halen en die netjes opbergen in de camper. Dat is dan weer het voordeel van een camper vakantie, je kan zelf bepalen wanneer je doorreist, dan wel ergens (langer) blijft staan.

Ophalen camper Kiwi-campers [13-11-2017]

Vandaag was het dan zover, we mochten zelf aan de linker kant van de weg gaan rijden!

’s-Ochtens hebben we uitgecheckt uit het hotel en zijn we met de SkyBus teruggegaan naar het vliegveld. Op het vliegveld zijn we dan weer opgehaald met een busje van Kiwi Campers, om naar hun kantoor net buiten het vliegveld gebracht te worden. Dit kantoor stelt niet zo heel veel voor. Het is niet bepaald groot en voor de deur stonden allemaal (relatief) oude campers. Aangezien wij een model uit 2016 hadden geboekt, waren we even bang dat hier iets mis zou gaan. Gelukkig bleek er achter het pand ook nog een garage te zitten, waar onze camper in geparkeerd stond.

Maar voordat we onze camper kregen, moesten we eerst nog wat papieren invullen. De formulieren waren eigenlijk maar heel klein, maar de vrouw die ons hielp, Molly, zat nogal op de praatstoel. Toen we op een gegeven moment haar persoonlijke foto’s van Nieuw Zeeland te zien kregen die ze tijdens haar reizen had gemaakt, vonden we het allebei wel een beetje genoeg. (met de foto’s was overigens niets mis, ze waren zelfs erg mooi, hopelijk gaan wij vergelijkbare foto’s maken de komende 4 weken!) Hierna mochten we dan eindelijk naar onze camper toe, die inmiddels was voorgereden. Na een rondje om de camper heen om de aanwezig schade op te nemen en een korte uitleg over de belangrijkste systemen en aansluitingen, mochten we dan eindelijk de koffers erin gaan laden en een kinderstoel voor Fabienne uitzoeken en installeren. Dit verliep vrij vlot, waarna we dan eindelijk op pad konden.

De eerste bocht het terrein af, was meteen een leuke bocht over een vrij drukke weg met een rij bomen die het zicht goed belemmerden. Direct dus even goed nadenken welke kant je op moet kijken voor het eerste verkeer! Maar het ging allemaal goed en de hele weg eigenlijk geen enkele fout gemaakt met de rijrichting.

Vanaf Kiwi Campers wilden we direct naar een supermarkt rijden om de eerste grote lading boodschappen te doen. Van zowel Molly als vrienden van ons (Marco en Lincy) hadden we gehoord dat we dan het beste naar de Pak’N Save konden rijden. Met een getekend kaartje van Molly vertrokken wij richting de supermarkt, maar vlak voor de bestemming namen we een verkeerde zijstraat, waardoor ik de camper even in zijn achteruit moest zetten. Vol verwachting keek ik naar het grote display in het dashboard in de verwachting daar het beeld van een achteruitrijcamera te zien; niets! Omdat het een rustig straatje was hebben we even met de instellingen van de radio zitten stoeien, maar we konden niets vinden waarom hij het niet zou doen. Helaas bleek er ook geen parkeersensoren op de camper te zitten, dus achteruit rijden moest op de ouderwetse manier: goed in je spiegels kijken. Aangezien er duidelijk een camera achterop de camper zit, zijn we toch nog even teruggereden naar Kiwi Campers om verhaal te halen. Daarop kregen we te horen dat de vorige huurders een ongelukje hadden gehad, waardoor de camera stuk was gegaan en deze hadden ze niet meer op tijd kunnen repareren. Helaas moeten wij het dus 4 weken zonder camera doen. Dan moet Angelica elke keer maar even uitstappen als we ergens achteruit moeten inparkeren.

Hierna dus alsnog naar de supermarkt. Wat een enorme supermarkt is zo’n Pak’N Save zeg! Het doet mij het meest denken aan een Makro, maar dan alleen voor voedsel en met normale kleine verpakkingen. Ze hebben echt enorme stellingen volgeladen met alle producten staan. Veel producten lijken gelukkig op de producten die we in Nederland kennen, maar het is toch altijd even zoeken voordat je alles gevonden hebt. En als je iets vergeten bent te pakken, dan loop je dus wel de afstanden die je in een Makro gewend bent om het alsnog te pakken!

Uiteindelijk hadden we alles gevonden en ook alles afgerekend. Het kost wat moeite om alle boodschappen in de verschillende vakken en de koelkast van de camper op te bergen, maar met wat passen en meten ging alles er gelukkig wel in. Aangezien het ondertussen al bijna 16:30 was en we eigenlijk nog zo’n 200 kilometer hadden willen rijden, hebben we maar even een camping dichterbij uitgezocht. Dit werd uiteindelijk Orewa Beach, een camping waarbij je met je camper recht aan het strand kunt staan! Dit hebben we dan ook gedaan. Tussen de camper en het strand lag een stenen wandel/fietspad waar we met Fabienne nog even leuk met een bal hebben staan overgooien tot het donker werd. Daarna hebben we in de camper even een broodje gegeten (we hadden geen van beiden meer zin om te koken) en rond 22:00 lagen we, met het geluid van de zee op de achtergrond, lekker op bed.

Morgen rijden we door naar Whangarei Falls, ons oorspronkelijke plan.

Fabienne is onze chauffeur in Nieuw Zeeland, want zij wil steeds ‘autorijden’.
Fabienne vind de camping vlak aan zee heerlijk. Vooral de bal een het pad voor de camper zijn erg in trek!
Onze camper op onze eerste overnachtingsplaats, direct aan zee.
Het uitzicht vanaf onze camperplaats, wanneer de zon net onder is.
Uitzicht vanaf het pad direct voor onze camperplaats.

Auckland dag 2 – de Zoo [12-11-2017]

Vandaag is het zondag in Auckland. Net als in Nederland is het duidelijk rustiger op straat. Aangezien het heerlijk weer is (20 graden en volop zon), leek het ons een leuk idee om met Fabienne naar de dierentuin in Auckland te gaan: de Auckland Zoo.

Aangezien we in Auckland nog geen eigen vervoer hebben (we gaan morgen pas de camper ophalen), besloten we uit te zoeken hoe we daar met het openbaar vervoer kunnen komen. Volgens Google Maps was dit met 2 busritjes en een klein stukje lopen in 35 minuten te doen. Bij de eerste bushalte aangekomen, vertelde de buschauffeur echter dat we beter de ‘red’-bus even verderop konden nemen, 2 haltes omhoog (Auckland heeft steile straten!) en dan de ‘yellow’-bus moesten pakken. Bij de ‘red’-bus aangekomen vertelde we dit verhaal tegen de chauffeur van die bus en die kende geen ‘yellow’-bus, maar dan weer wel een ‘orange’-bus. Het verhaal van die 2e chauffeur klonk wat minder overtuigend, maar we hebben de gok maar genomen. De ‘orange’-bus bleek inderdaad in de buurt van de dierentuin te komen, dus wij hebben netjes aan de chauffeur gevraagd of deze even een seintje wilde geven zodra we bij onze halte waren. Op een gegeven moment geeft de chauffeur inderdaad een seintje dat de volgende halte onze halte wordt, maar vervolgens stopt hij helemaal niet?! Na een aantal haltes toch maar eens gevraagd of dit nu goed gaat. Bleek hij ons vergeten te zijn! Uiteindelijk stappen we alsnog uit, waardoor we aan de andere kant van de dierentuin zijn, maar volgens de chauffeur even ver moeten lopen als onze oorspronkelijke halte. Ook hier blijken het steile wegen te zijn maar gelukkig gaan wij bergafwaarts.

Een van de vele mooie wandelroutes door Auckland Zoo

Na een kleine 10 minuten lopen staan we dan uiteindelijk bij de ingang van de dierentuin. Op basis van de ingang en de erg kleine parkeerplaats voor de deur zou je zeggen dat dit een kleine dierentuin is, maar niets blijkt minder waar. Eenmaal binnen verbazen wij ons over de prachtige wandelpaden, de ruime opzet en soms wel bijzondere dieren. Vooral de giraffen vlak na de ingang doen het goed bij Fabienne, omdat ze die heel vaak heeft gezien in haar boekje van Nijntje in de dierentuin. Fabiënne had tijdens de gehele busreis al flink zitten kletsen en vertelde steeds opnieuw over dit Nijntje boek en welke dieren we dus allemaal moesten gaan zien. Wij vonden vooral de reuze landschildpadden en de Tazmanian Devil erg interessant, alhoewel we van de laatste weinig konden zien doordat deze half achter een struik lag te slapen. Ook zagen we een snakeneck turtle. Nog nooit zoiets gezien.

Een snakeneck turtle

Alles bij elkaar hebben we ons goed vermaakt in de dierentuin. We hebben daar zeker 5 uur rondgelopen en zijn op de terugweg met een andere bus teruggereden. Deze bus stopte midden in de stad, waardoor wij even bij een Countdown supermarkt een paar missende boodschappen konden doen en daarna rustig slingerend door (voor ons onbekende) straatjes terug naar het hotel konden lopen. In de stad zie je al redelijk wat winkels aangekleed worden voor de kerst, waarbij de gigantische Kerstman met 2 rendieren boven de Farmers Store (een soort Bijenkorf) toch wel het meest in het oog springt. Voor ons voelt dit heel gek, we lopen hier in ruim 20 graden te zweten, terwijl we kerstspullen zien! Op een of andere manier voelt dit niet als ‘de kerst’ zoals wij hem kennen. Maar het ziet er wel leuk uit.

Vanavond alle spullen inpakken en morgen gaan we dan weer terug naar het vliegveld om van daar naar de camper-verhuur gebracht te worden. Voor ons gevoel begint onze reis dan écht!

Fabienne mag even op een olifant zitten
Een erg grote wandelende schildpad
Fabienne vind de gekleurde glijbaan in Auckland Zoo helemaal geweldig

 

Vlucht naar Auckland [10-11-2017]

Vandaag was het al weer tijd om Hong Kong te verlaten en door te vliegen naar Nieuw Zeeland. Aangezien we voor ons gevoel nog veel moesten doen onderweg naar het vliegtuig, vertrokken we rond 11:00, terwijl onze vlucht ‘pas’ om 17:45 zou vertrekken.

Vanaf het hotel werden we met een gratis shuttle vervoerd naar Hong Kong station, zo’n 10 minuten rijden. Angelica had ergens gelezen dat je op dat station al kon inchecken voor je vlucht. Ik had hier geen hoge verwachtingen bij, maar eenmaal binnengestapt bij het station bleek dat ze daar een mini-vertrekhal van Schiphol hadden nagebouwd met lopende banden voor de koffers en losse incheckbalies met personeel voor elke maatschappij (en dat zijn er veel!). Voor deze balies stonden in tegenstelling tot Schiphol geen rijen met wachtende passagiers en we werden dus direct geholpen. Onze koffers werden direct afgevoerd richting het vliegtuig en wij konden dus zonder zware bagage verder reizen. Heerlijk! Dit zouden ze in Nederland ook moeten doen op bijvoorbeeld Rotterdam Centraal.

Een van de 2 enorme terminals van Hong Kong Airport

Vanaf Hong Kong station ga je met een Airport Express trein (hoge snelheidstrein) door naar het vliegveld dat net buiten Hong Kong ligt (vergelijkbare afstand als Rotterdam-Schiphol). Eenmaal daar aangekomen zijn we eerst op zoek gegaan naar de Lost and Found afdeling, om onze verloren en gelukkig weer teruggevonden iPad op te halen. Na de overweldigende plattegrond van de luchthaven bestudeerd te hebben, hadden we de Lost and Found gevonden in Terminal 1 op de 5e etage. Dit was natuurlijk het verst weg vanaf het punt waar wij de Terminal binnenkwamen. Na een wandeling van zeker 10 minuten meldden wij ons, blij dat we het gevonden hadden, bij de receptioniste. Die vertelde ons echter direct dat die locatie niet de plek was waar de spullen werden bewaard, maar dat ze daar alleen mensen te woord stonden. Wij moesten dus naar Terminal 2 op de 7e etage, compleet aan de andere kant van de luchthaven, om de iPad op te halen. We waren ondertussen erg blij dat we de zware koffers al in hadden kunnen leveren! Eenmaal aan de andere kant aangekomen kregen we na het invullen van een formuliertje snel onze iPad terug. Wat een opluchting!

Na wat gegeten te hebben in Terminal 2 en de kaartjes ingeleverd te hebben van de Airport Express (om de borg terug te krijgen; jammer genoeg contant in Hong Kong dollars), zijn we weer naar Terminal 1 gelopen om nu door de douane naar de gate te lopen. Uiteraard bleek onze gate bijna achterin de terminal te zitten, dus via de vele lopende banden zijn we op ons gemak daar naartoe gegaan. Daar aangekomen hadden we nog bijna een uur de tijd. om op ons gemak een sanitaire stop te maken, het vliegtuig te fotograferen terwijl het aan kwam rijden bij de terminal en andere vliegtuigen te zien opstijgen. Alles leek voorspoedig te gaan toen het inchecken 10 minuten eerder dan verwacht begon, totdat we als een van de eersten in de slurf stonden en moesten wachten met boarden. Het duurde even voordat ze konden vertellen waarom we moesten wachten, maar er bleek een extra technische controle nodig te zijn vanwege een lampje dat bleef branden. Hierdoor hebben we bijna een half uur in de gate staan wachten. Genoeg om even wat woorden te wisselen met een Chinees stel met 2 kleine kinderen, waarvan er een Hiddaa bleek te heten (bijna hetzelfde als ons neefje Hidde).

Ons vliegtuig van Air New Zealand naar Auckland komt aangereden bij Hong Kong Airport

Toen we eenmaal mochten boarden verliep alles voorspoedig en vertrokken we een half uurtje later dan gepland. In de lucht ging alles weer bijzonder goed. We hadden weer een hele lieve stewardess die Fabienne ‘so cute’ vond, waardoor ze elke keer een extra broodje en drankje kreeg als ze langskwam. Fabienne is de hele vlucht (10 uur vliegen) wakker gebleven en heeft rustig zitten kleuren en tv/ipad gekeken. Toen we bezig waren met het dalen, viel ze pas in slaap. Hierdoor heeft ze niets mee gekregen van het vliegveld van Auckland en de douane, waar een hoop controles werden uitgevoerd (zelfs met honden), maar waar het verder opvallend rustig was.

Fabienne vermaakt zich uitstekend met stickers plakken in het vliegtuig.

In het tax-free gedeelte konden we al een travellers-sim-kaartje van Vodafone Nieuw Zeeland kopen, zodat we onderweg ook Google Maps, CamperMate en WhatsApp kunnen gebruiken. Na het tax-free gedeelte stonden we direct in de aankomsthal en 20 meter verderop stopten al de SkyBus (soort interliner) naar het centrum van Auckland. Bij de halte werden we nog even vriendelijk geholpen door een medewerker van de SkyBus met uitleg over de halte die we nodig hadden en het inladen van onze koffers. Aangezien we online al kaartjes hadden gekocht, verliep ook dit zeer voorspoedig. Fabienne werd ondertussen weer wakker en zag onderweg allemaal ‘trakketorre’ (oftewel graafmachines) die aan de wegen rondom het vliegveld bezig waren.

Binnen een half uurtje stonden we midden in de stad en was het nog maar een paar honderd meter lopen naar ons hotel, het Waldorf Celestion Apartment Hotel. We hadden expres voor een appartement gekozen, zodat we zelf voor ons ontbijt/eten kunnen zorgen en ook een aparte slaapkamer voor Fabienne hebben. Het appartement is duidelijk niet meer het nieuwste, maar alles functioneert en het is heel gunstig gelegen bij de haven en het centrum. Ook zit er heel dichtbij een grote Countdown supermarkt, welke 24/7 open blijkt te zijn. Terwijl Angelica een power-nap deed, hebben Fabienne en ik hier wat eerste boodschappen gehaald (zoals brood, broodbeleg, drinken en wat fruit). De medewerker van de slager zag Fabienne zo duidelijk wijzen naar de ballonnen die ze daar achter de balie hadden hangen als versiering dat hij ons special achterna kwam lopen om Fabienne een ballon te geven. Fabienne’s dag kon niet meer stuk! 🙂

Rond 5 uur in de middag (Nieuw Zeeland tijd) ging bij ons allemaal ‘het lichtje’ uit en zijn we dus maar naar bed gegaan. Morgen maar eens verder kijken in deze relaxte stad.

Vlucht naar Hong Kong

Vandaag was het dan eindelijk zo ver, we gaan het eerste deel van onze vliegreis maken. Nog even snel de laatste spullen in koffer en deze voor de zekerheid ook maar even gewogen met een speciale kofferweegschaal (uit China). Dat bleek geen overbodige luxe, want een van de 3 koffers was te zwaar (24 kg) en de andere had gelukkig nog redelijk wat speling (18 kg).

Vliegtuigen spotten op Schiphol

Voor het vervoer naar Schiphol had mijn schoonvader aangeboden om ons te brengen en te halen. Hier hebben wij dankbaar gebruik van gemaakt, waardoor wij ruim 3 uur voor het moment van boarding als Schiphol binnen liepen. De douane was wat gewijzigd sinds ik/wij voor het laatst hadden gevlogen, na de koffers ingeleverd te hebben moesten we een etage omhoog om daar gescand en gefouilleerd te worden. Zelfs Fabienne werd even gecontroleerd op ‘verborgen snoepjes’ zoals de medewerkster het zo leuk bracht. Fabienne vond het allemaal best, die was veel te veel onder de indruk van alle mensen, machines en vliegtuigen die ze op een heenweg al voorbij had zien vliegen.

Ons vliegtuig naar Hong Kong

Het boarden verliep redelijk vlekkeloos en al snel zaten we op onze van te voren gereserveerde plaatsen. Fabienne vond het spannend zei ze zelf, maar ze zat vol aandacht te kijken wat er om haar heen gebeurde, zowel buiten als binnen in het vliegtuig. Op de rij voor ons kwam een gezin zitten met een klein jongetje van zo’n 1,5 (schatte wij). Ze spraken geen Engels, maar Fabienne en hij hadden aan gebaren en elkaars hand aanraken tussen de stoel door genoeg om weer een kwartiertje afgeleid te zijn.
De KLM had zelf gelukkig ook aan de nodige afleiding gedacht voor kinderen, zo kreeg Fabienne vlak nadat we zaten een kids-pakketje, met daarin een kleine kleurplaat een paar potloden en een stukje geschiedenis over vliegtuigen en de KLM. Fabienne begon meteen driftig te kleuren, want het vliegtuig moest natuurlijk blauw worden, net als het vliegtuig waar wij in waren gestapt. Verder bleken op het entertainmentsysteem ook nog een paar (korte) Dikkie Dik-filmpjes te staan, wat eigenlijk animaties waren van de verhaaltje die we de afgelopen maanden al zo vaak met haar lezen. Die filmpjes vond ze dan ook helemaal geweldig!
Zelf heb ik eigenlijk geen enkele film gekeken. In het verleden keek ik makkelijk 3 a 4 films op een vlucht, maar nu met mijn dochtertje ernaast, kwam het er niet van.
De vlucht ging verder helemaal goed. We kwamen netjes op tijd aan in Hong Kong: omstreeks 11:30 lokale tijd, na 10 uur en 45 minuten vliegen vanuit Amsterdam. Ook de douane ging vlot en de koffers hadden we ook binnen een iets meer dan een kwartier te pakken.

Vanaf het vliegveld zijn we met de Airport Express van MTR naar Hong Kong Station gereden. Deze express-trein trekt zo hard op en remt ook zo hard af dat de wandelwagen van Fabienne gewoon door de trein begon te rollen bij het optrekken! Nu werkte ook niet mee dat ik vergeten was de wielen op de rem te zetten, maar het was desondanks een erg rappe versnelling waarmee ze vanaf elk station vertrokken. Binnen 25 minuten waren we met die trein bij Hong Kong Station, waar we onze vooraf gekochte Airport Express passen pas op konden halen (Chinese logica?!). Vanaf dat station reden weer kleine shuttle busjes naar de verschillende hotellen in de stad, waaronder ons Island Pacific hotel.

Uitzicht vanuit onze hotelkamer op de 29e etage!

Het hotel ligt super dicht langs de haven die uitkijkt op het grootste deel van het centrum van Hong Kong. Wij hadden gevraagd om een kamer met een view op de harbor en liefst zo hoog mogelijk, nou dat hebben we geweten: ze hebben ons een kamer gegeven op de 29e verdieping! (de hoogste etage die ze hebben). We kijken inderdaad prachtig over de haven heen en ‘s-avonds ziet het er met alle lichtjes nog net iets leuker uit. Enige nadeel is wel dat er vandaag in ieder geval de hele dag smog boven het water en de stad hing, waardoor alle foto’s helaas een beetje ‘mistig’ blijven.

Toen alle koffers netjes gratis boven waren bezorgd en we even de tijd namen om ze uit te pakken, kwamen we tot de ontdekking dat we de iPad kwijt waren. Deze hadden we in het vliegtuig nog aan Fabienne gegeven om wat filmpjes op te kijken, maar geen van ons beiden kon zich herinneren dat we hem daarna weer in een tas terug hebben gedaan! Waarschijnlijk ligt hij dus nog ergens op de grond van het vliegtuig en is hij nu ondertussen hopelijk door de schoonmakers afgegeven bij de Lost and Found van het vliegveld dat is volgens de KLM in ieder geval de gebruikelijke procedure. Aangezien we toch vrijdag al weer vertrekken richting Nieuw Zeeland, gaan we maar wat eerder naar het vliegveld om te kijken of we onze iPad terug kunnen krijgen!

Roltrappen naast de straat om van ons hotel naar First Street te komen (waar de meeste restaurants zitten).

Om de dag toch nog een beetje goed af te sluiten en ons bio-ritme een beetje de goede kant op te duwen, zijn we als afsluiter vandaag gaan eten bij Ollie’s restaurant. Niet het goedkoopste restaurant in de omgeving, maar wat ons betreft zijn de Baby Lamb Fillets In Filo Pasty en de Ollies Rosedale Beef Burger echt aanraders!

Nu even lekker naar bed en morgen even kijken of we genoeg energie hebben om iets van Hong Kong te gaan bezichtigen.

Yosemite NP

Rim-fire or not? Dat was de vraag van vanochtend! Al sinds wij vertrokken naar Amerika blijken er hevige branden te woeden in de Verenigde Staten. Een van de grootste branden woedt in het National Park waar wij vandaag naar toe gaan: Yosemite.
20130906-000804.jpg
Via de website van Yosemite wordt voor actuele informatie over de rim-fire doorverwezen naar de Incident Information Website over dit incident. Hierop stond vanmorgen dat het vuur voor 75% ‘contained’ was en dat het grootste deel van het park open is voor bezoekers.

Wij zijn vanuit Fresno dus met onze huurauto naar Yosemite gereden over highway 41. Hiermee kwamen wij vanuit het zuiden het park binnen, terwijl het vuur in het noorden woedt. De weg het park in gaat via een kronkelende bergweg omhoog, van onder de 1000 feet naar meer dan 4000 feet (meer dan 2000 meter) hoogte. Leuk rijden, maar wel goed opletten met alle haarspeldbochten!
20130906-000820.jpg
Het eerste punt waar wij naar toe zijn gereden was Glacier Point. Wat ons betreft meteen het mooiste punt van het park. Je kijkt namelijk vanaf een hoge bergwand uit op een vallei die door een gletsjer is uitgeslepen en aan de overkant een enorme berg. Deze vallei heet dan ook Yosemite Valley. Het uitzicht is werkelijk prachtig, met een paar watervallen, de enorme bomen en de blauwe lucht er boven. Dit is echt het mooiste stukje natuur van Amerika, vind ik.

Na Glacier Point zijn we doorgereden naar de vallei. Best een stukje rijden, aangezien je de hele weg weer terug naar beneden moet. Maar na ruim 45 minuten stonden we dan in de vallei en zijn we op zoek gegaan naar een restaurant om iets te eten. Deze vonden we in Yosemite Village. Dit is een heel klein dorpje speciaal opgericht voor de campinggasten van het park. Er zit dus een supermarkt, postkantoor en campingwinkel. Daarnaast ook een klein restaurant voor de mensen die niet zelf willen koken (of dit niet durven met alle beer-waarschuwingsborden in het park). Op het terras van dit restaurantje hebben wij een hamburger en een quesadilla gegeten. De grap daarbij was dat je tijdens het eten belaagd werd door de bekende squirrels; die lusten schijnbaar meer dan alleen nootjes en zijn alles behalve schuw!
20130906-000832.jpg
Vanuit de village zijn we weer richting de uitgang van het park gereden, met onderweg natuurlijk de nodige stops voor een paar foto’s en filmpjes. We verlieten het park niet via dezelfde uitgang als waar we binnen kwamen (highway 41), omdat we doorrijden naar Modesto. We namen nu dus de uitgang van highway 140. De meest noordelijke uitgang die nog open was vanwege de brand. Ik had stiekem de hoop nog wel iets van de rim-fire te kunnen zien, al waren het maar de rookwolken, maar zelfs die hebben wij niet gezien. Alle brandhaarden bevinden zich in een uitgestrekt gebied ten noorden van de populaire attracties en vormen op dit moment geen enkel gevaar meer voor ons toeristen.

Vanuit Modesto vertrekken wij morgen naar San Francisco, om daar maandag weer vandaan terug te vliegen naar Nederland. Hiermee was Yosemite dus ook het laatste National Park dat wij bezocht hebben in de VS; nog een paar dagen in een grote stad en dan is onze honeymoon al weer voorbij…

Gereden: ruim 370 kilometer
Gegeten in: Yosemite Village
Geslapen: Best Western Town House Lodge in Modesto

Death Valley

Vandaag stond een lange rit op het programma van Las Vegas naar Fresno. Om de rit leuker te maken, hadden we een tussenstop in Death Valley National Park gepland.

Het eerste deel van de reis verliep eigenlijk heel vlot. De snelweg van Las Vegas richting Death Valley reed lekker door en we hadden een mooie blauwe lucht. Alleen de temperatuur in Las Vegas viel ons een beetje zwaar, bijna 110 graden Fahrenheit oftewel 43 graden! De airco van de auto had het merkbaar moeilijk om de temperatuur naar beneden te krijgen en elke stap buiten de auto leverde een klap in je gezicht op. Jammer alleen dat we nu richting Death Valley rijden, want dat staat bekend als de warmste plek in de Verenigde Staten en dus alleen nog maar heter.
20130905-205739.jpg
De eerste problemen met de route werden duidelijk toen we door TomTom een onverharde weg werden opgestuurd in een klein gehuchtje net buiten Death Valley. De website van het park zegt zelf al dat ze geen duidelijke straat en huisnummer voor hun visitor centre hebben, dus wij hebben op de goede gok een kruising tussen het plaatsje Furnace Creek (leuke namen trouwens die plaatsjes in Death Valley!) en de snelweg waarop we aan kwamen rijden uitgekozen. Achteraf bleek dit een veel te hoog punt in het park opgeleverd te hebben, waardoor we vanuit Las Vegas (zuidelijk) eerst helemaal naar het noorden van het park zijn gereden, daar er doorheen zijn gereden en toen via de westelijke kant weer helemaal naar het zuiden zijn gereden. In Nederlandse parken zou dit niet zo erg zijn geweest, maar in Amerikaanse parken betekent dit dat je zo’n 3 uur aan het rijden bent!
20130905-205750.jpg
Toen we net over de bergrand Death Valley inreden, kwamen we de tweede verrassing in de route tegen. De kortste route naar het zuiden van het park bleek afgesloten te zijn doordat een deel van de weg ‘flooded’ was door de zware plaatselijke regenbuien van gisteren. Op een Nevada news-zender die wij gisteren in Las Vegas zagen, werd gesproken over een monsoon-seizoen. Door de afsluiting moesten we een andere langere route rijden, die dwars door over een stijle berg ging. Een erg mooie route om te rijden, maar alleen als je er de tijd voor hebt.

Uiteindelijk zijn we 3x even kort gestopt om wat foto’s te maken in Death Valley. De grote zoutvlakten (de vallei is eigenlijk een oude zeebodem) en de zandvlakte zijn toch wel erg indrukwekkend! De rest van de dag zijn we eigenlijk vol continue onderweg geweest. Rond 21:30 kwamen we aan in Fresno (onderweg nog wel snel wat gegeten bij Wendy’s). Morgen weer iets rustiger aan, want dan gaan wij Sequoia National Park bekijken.

Tip: kies geen grote zware huurauto als je veel gaat rijden (wij rijden 20 mile op een galon, oftewel 1 liter op 8,6 kilometer)
Gereden: meer dan 725 kilometer
Geslapen in: Americas Best Value Inn in Fresno
Gegeten bij: Wendy’s ergens langs de snelweg

Arches NP

Na een goede nachtrust liepen we rond 8:00 naar de receptie van ons motel om te ontbijten. Dit hadden blijkbaar meer mensen bedacht, want elk stoeltje was bezet en er stond een flinke rij voor de bagels en het broodrooster. Aangezien we wel honger hadden, zijn we netjes achter aan de rij aangesloten. We hebben ons ontbijt echter wel meegenomen naar de kamer, zodat we het rustig zittend op konden eten.

Rond 9:00 zaten wij in de auto om binnen een paar minuten aan te komen bij de ingang van Arches National Park. Een stijle weg omhoog, slingerend langs een bergwand bracht ons vanaf de ingang naar een vlakte met nog meer bergwanden. In de buurt van de meeste bergwanden was hier echter iets bijzonders gebeurd, wind en water hebben stukken van de rotswand zo uitgeslepen dat er half ronde bogen van steen over zijn gebleven. In dit park staan er zeker een stuk of 10, waarvan de bekendste de Delicate Arc heet. Deze arch is het enige stuk van een rots wat nog overeind staat, waardoor deze arch helemaal los staat.
20130904-090437.jpg
In totaal hebben we zo’n 80 kilometer in dit park rondgereden; iets meer dan wij verwacht hadden en dat kostte dus ook iets meer tijd dan wij verwacht hadden. Hierdoor vertrokken wij pas rond 12:00 uit het park. We hebben even snel een broodje gegeten bij de Subway en zijn daarna begonnen aan onze rit naar Salt Lake City. Dit bleek een mooie rit van zo’n 4 uur te zijn langs een kolenmijn in Utah. Ook Salt Lake City bleek een leuke stad te zijn. Veel groter dan wij hadden verwacht, maar wel met de sfeer en de ruimte van een kleiner plaatsje.
20130904-090502.jpg
Op basis van een tip uit een reisgids van Angelica zijn wij die avond gaan eten bij The Old Spaghetti Factory. Dit blijkt een kleine keten te zijn in Amerika, met zo’n 20 restaurants door heel Amerika (beetje vergelijkbaar met de beren-restauranten bij ons). Op het menu stonden allemaal vers gemaakte pasta gerechten en ook de toetjes smaakten erg goed. Het interieur bleek in alle restauranten ongeveer hetzelfde terugkerende thema te bevatten, namelijk een tram-wagon in het midden van de zaak! In deze wagon stonden tafeltjes en daar omheen ook. Wij hadden een tafeltje midden in de wagon, waardoor we midden in het hele restaurant zaten en leuke om ons heen konden kijken. Echt een aanrader dit restaurant, we hebben er heerlijk gegeten en waren niet eens veel geld kwijt: net $35 (zo’n 29 euro).

Morgen gaan we even verder rondkijken in deze stad, want daar hebben wij nu de tijd voor omdat we noodgedwongen Yellowstone over moeten slaan (vanwege gebrek aan een slaapplaats daar). Maar van wat wij tot nu toe gezien hebben van Salt Lake City, is dat zeker geen straf!

Gereden: 420 kilometer
Gegeten bij: The Old Spaghetti Factory
Geslapen in: Howard Johnson Express Inn in Salt Lake City